|
Arnold
Forumclown
    
Open Inrichting Nederland
26809 Posts
|
Posted-10 Aug 2008: 14:47:41
|
Om de discussie in goede banen te leiden en daadwerkelijk tot het uitwisselen van geldige argumenten te komen plaatsen wij hier enkele begrippen overgenomen van Wikipedia.
https://nl.wikipedia.org/wiki/Drogreden
Drogreden
Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Een drogreden (schijnreden, denkfout, sofisme) is een reden of redenering die niet klopt, maar die mogelijk wel aannemelijk lijkt.
De oudst bekende teksten hierover zijn de dialoog Euthydemus van Plato, waarin een reeks onbenoemde drogredenen de revue passeert, en het werk De sophisticis elenchis van diens leerling Aristoteles, waarin diverse figuren voor het eerst werden benoemd en ontleed.
Net als een goede redenering bestaat een drogreden uit een aantal premissen (stellingen) of axioma's (aannames) waaruit een conclusie volgt of een aantal argumenten waaruit een mening volgt. De conclusie van een drogreden kan zowel juist als onjuist zijn, maar een drogreden voldoet niet aan de voorwaarden geldigheid en gezondheid. Dat wil zeggen dat de redenering niet geldig is (dan klopt de vorm van de redenering niet) en/of niet gzond is (dan zijn de stellingen niet geldig).
Drogredenen worden vaak opzettelijk gebruikt door demagogen, maar ze worden ook vaak gebruikt door mensen die niet weten dat het drogredenen zijn, maar denken dat het correcte argumenten zijn. Verder worden drogredenen vaak in humor gebruikt. In dat geval ligt het drogreden-zijn er meestal dik bovenop.
Ook in reclame komen drogredenen veelvuldig voor. In de bewering "de meeste tandartsen bevelen X aan" is bijvoorbeeld sprake van het beroep op autoriteit. Een ander clich is: "Dermatologisch getest!" Immers, zolang de resultaten er niet bij worden vermeld, is dit geen logisch argument om een bepaald product te kopen.
Reeds in de klassieke oudheid onderscheidde men verschillende soorten drogredenen. Deze zijn nog steeds bekend onder hun Latijnse namen die er in de Middeleeuwse scholastiek aan werden toegekend, zoals Argumentum ad baculum, Argumentum ad populum en Argumentum ad misericordiam. Ook aan 'moderne' drogredenen wordt wel een Latijnse naam toegekend, zie bijvoorbeeld de Reductio ad Hitlerum.
Drogredenen zijn soms moeilijk in een categorie onder te brengen. In de filosofie wordt vaak de indeling volgens Aristoteles gebruikt:
Formele drogredenen
drogredenen waarbij er een fout in de logica van de redenering zit
Informele drogredenen
drogredenen waarbij in de premissen verkeerde aannames worden gedaan en dus onjuiste premissen worden gebruikt
drogredenen waarbij de conclusie bereikt wordt door een onjuist gebruik van woorden
Drogredenen gebaseerd op een fout in de logica
Dit zijn drogredenen waarbij er een fout in de logica van de redenering zit. Het zijn foutieve deductieve redeneringen.
Argumentum ad ignorantiam (argument van de onwetendheid)
Voetstoots wordt aangenomen dat een stelling waar is, omdat niet is bewezen dat zij onwaar is. Of omgekeerd: er wordt aangenomen dat een stelling onwaar is, omdat niet is bewezen dat zij waar is.
"Ik heb hem nooit met een vrouw op stap gezien, dus hij heeft geen vriendin."
Onjuiste logica: als iemand een vriendin heeft dan gaat hij er mee op stap en dan zie ik dat.
"Als je niet voor ons bent dan ben je tegen ons
Er is ook een generaliserende variant.
"Als je het niet eens bent met ons plan, dan ben je tegen onze ideologie
Een analoge vergelijking:
De kat is zwart of wit.
Ik weet dat de kat niet wit is
Dus is de kat zwart
Er wordt in deze redenering dus vanuit gegaan dat wanneer een feit niet bewezen is, het tegendeel dus bewezen is; echter, er zijn meer alternatieven dan dat er worden gesuggereerd. Mensen worden in een vals dilemma gedwongen door te doen alsof er maar twee keuzes zijn, terwijl er meer zijn. Een uitzondering waar deze argumentatie niet als drogreden geldt, is in de rechtszaal ("U bent onschuldig totdat het tegendeel bewezen is")
Argumentum ad ignorantiam wordt in de wandeling ook wel zwart-wit denken genoemd.
Argumentum ex silentio (wie zwijgt stemt toe)
Een conclusie op grond van iets dat niet gezegd wordt, dus een stellingname die wordt afgeleid uit zwijgen.
"'Het koningshuis heeft ons generaties lang bestolen', zei ik tegen de koningin. Daar had ze mooi geen antwoord op."
"Mijn vader heeft nooit gezegd dat hij tegen de dienstplicht was. Die steunde dus de oorlog."
Non sequitur (het volgt er niet uit)
Een drogreden waarbij de spreker een mening of conclusie formuleert die logisch gezien niet uit de argumenten of premisse volgt.
"Bij 25 % van de dodelijke ongevallen had de bestuurder alcohol gedronken en bij 80% van de dodelijke ongevallen had de bestuurder koffie gedronken. Het is dus veiliger als de bestuurder alcohol drinkt i.p.v. koffie."
De onjuiste logica zit hem er in dat je niet alcohol en koffie moet vergelijken, maar moet kijken naar de invloed van alcohol en koffie op het rijgedrag.
Retrorsum causa et effectus (omkering oorzaak en gevolg)
"Kinderen die veel tv kijken, zijn vaak gewelddadiger. De tv maakt kinderen gewelddadig."
Deze redenering is onjuist, omdat het omgekeerde ook waar zou kunnen zijn; kinderen die gewelddadig zijn zouden ook gewoon meer van tv kunnen houden.
Post hoc ergo propter hoc (na dit, dus vanwege dit)
Er wordt een oorzakelijk verband gesuggereerd dat er in werkelijkheid niet hoeft te zijn. Feit B treedt op na feit A en feit B wordt daarom gepresenteerd als gevolg van feit A.
"De patint genas enkele dagen nadat hij middel X kreeg, dus dit middel heeft hem genezen."
"De zon komt altijd op nadat de haan gekraaid heeft, dus de zon komt op mdat de haan kraait"
Cum hoc ergo propter hoc (met dit, dus vanwege dit)
Net als bij de bovenstaande drogreden wordt hier een oorzakelijk verband gesuggereerd dat er in werkelijkheid niet hoeft te zijn. Het verschil is dat feit A en B nu tegelijk optreden.
"Zij was in augustus op vakantie met John. Zij is in augustus zwanger geworden. Dus zij is zwanger van John."
"Ik dacht net aan jou toen de telefoon ging. Dat kan toch geen toeval zijn!"
Bevestiging van het gevolg
Een conclusie trekken die gebaseerd is op het gevolg van die conclusie.
"Als ik alle kritiek op Rita Verdonk lees dan kan ik alleen maar concluderen dat zij de zaak Hirsi Ali niet goed heeft aangepakt."
Willekeurige correlatie
Zoeken van correlaties tussen om het even wat.
"Gisteren vlogen de zwaluwen hoog en het is vandaag mooi weer. Nu vliegen de zwaluwen weer hoog, dus het zal morgen ook mooi weer worden."
Hier wordt een verband gezien tussen twee zaken die niets met elkaar te maken hebben.
Selecteren van testresultaten
Bewust of onbewust selecteren van testresultaten, ook wel selectieve waarneming genoemd.
"Mijn opa rookte als een ketter en is 98 jar geworden, dus is roken helemaal niet ongezond."
Hier is de denkfout dat er slechts gekeken wordt naar n specifiek geval.
Negeren van alternatieve hypothesen
Over het hoofd zien van alternatieve hypothesen.
"Er zijn UFO's, dus er is buitenaards leven"
De genegeerde alternatieve hypothese is dat UFO-meldingen op misverstanden of grappenmakerijen berusten.
A posteriori (wijsheid achteraf)
Bij deze redenering is sprake van een vaststelling of oordeel achteraf.
"Ik vond de laatste tijd al dat hij wat vreemd liep, nu ik hoor dat hij Parkinson heeft."
Overhaaste generalisatie (secundum quid)
De wet van de kleine getallen of overhaaste generalisatie (zie ook Misbruik van statistische gegevens).
"Het is de afgelopen vijf jaar erg warm geweest, dus het klimaat verandert"
De denkfout hier is dat er een algemene regel wordt afgeleid uit slechts enkele gevallen.
Drogredenen gebaseerd op onjuiste premissen
Dit zijn drogredenen waarbij in de premissen verkeerde aannames worden gedaan en dus onjuiste premissen worden gebruikt.
Ad hominem (op de persoon)
Persoonlijke aanval op de tegenstander om zijn geloofwaardigheid in twijfel te trekken en zodoende ook zijn standpunt. Op de man spelen en niet op de bal.
"Wat weet een dronkenlap zoals jij van politiek?"
Tu quoque (jij net zo, jij-bak)
Verwijt van schijnheiligheid, je ontzegt de ander recht van spreken vanwege zijn eigen gedrag of uitspraken in het verleden. Dit is een specifieke vorm van de persoonlijke aanval.
"Waarom verwijt je mij dat ik steel? Dat heb je zelf vroeger ook gedaan..."
Onjuiste premisse: de eisen die men aan anderen stelt moet men ook aan zichzelf stellen.
Ad verecundiam (autoriteitsdrogreden)
Bij de drogreden ad verecundiam gebruikt men de (veronderstelde) autoriteit van een externe persoon of instantie als argument voor de juistheid van een bewering. Op zichzelf is het autoriteitsargument geen drogreden. Het steunt echter op een onderliggende, verborgen aanname, namelijk dat spreker en toehoorders de betreffende autoriteit ook als zodanig erkennen. Klopt die verborgen aanname niet, dan is logischerwijs ook het autoriteitsargument niet correct. In dat geval is sprake van een drogreden.
"Graancirkels zijn echt van buitenaardse wezens, want dat staat op internet."
Onjuiste premisse: informatie die op internet staat is altijd waar.
Zijn de discussiepartners het erover eens dat elk woord van Swami Bami waar is, dan vormt "zingen is slecht, want Swami heeft het gezegd" geen drogreden in een discussie tussen die gesprekspartners. De juistheid van de stelling volgt immers logischerwijs uit de (tussen partijen vaststaande) premisse "alles wat Swami zegt is waar".
Beroep op traditie
Bij het beroep op traditie wordt uitsluitend het feit dat iets in het verleden zus of zo gedaan is als argument aangevoerd om het op die wijze te doen. De verborgen aanname is, dat alles wat in het verleden goed gewerkt heeft, ook nu nog goed zal werken. Dat hoeft echter niet het geval te zijn. De drogreden gaat eraan voorbij dat er intussen betere methoden kunnen bestaan.
"Ik zie niet in waarom ik e-mail nodig zou hebben. Onze familie heeft een lange traditie van brieven schrijven."
"Wikipedia? Nergens voor nodig, we hebben hier sinds jaar en dag de Winkler Prins."
Ad populum (met het oog op het volk)
Hiervan is sprake wanneer men de juistheid van een stelling tracht te bewijzen door aan te voeren dat er een meerderheid voor te vinden is. Zie ook populisme.
"De spelling is 'stropop' en niet 'stro-pop', want 'stropop' levert de meeste treffers op Google."
"Registratie van e-mailverkeer schendt de privacy niet, want 55% van de Nederlanders heeft er geen enkel bezwaar tegen."
"De monarchie is een goede zaak, want de meerderheid is er voorstander van."
Onjuiste premisse: de meerderheid heeft altijd gelijk.
Argumentum ad antiquitatem (met een beroep op het verleden)
Deze drogreden wordt gebruikt om een reputatie uit het verleden op te rakelen of die in het nu er zogenaamd mee te onderbouwen. Hij lijkt op de ad populum, maar ditmaal is niet het grote aantal mensen, maar de tijdsduur van belang.
"Dit geneesmiddel werd al gebruikt in het oude Egypte/China/India".
Onjuiste premisse 1: zo'n oud middel moet wel probaat zijn - anders werd het niet al zolang gebruikt!
Onjuiste premisse 2: de mensen in die oude culturen hadden evenveel of zelfs meer geneeskundige kennis dan wij en daar valt het middeltje uiteraard ook onder. Zowel de medische kennis als het middeltje in kwestie kunnen echter intussen sterk achterhaald zijn. Bovendien is vrijwel niet met zekerheid na te gaan hoe goed de middelen vroeger werkten doordat dit niet zo uitgebreid is gedocumenteerd.
"Al meer dan 2000 jaar geloven mensen in God. Dan moet Hij wel bestaan."[1]
Onjuiste premisse: mensen kunnen en zullen zich niet zo'n lange tijd vergissen.
Reductio ad Hitlerum
Op internet komt dit vaak voor als Wet van Godwin.
"Dat zeiden de nazi's ook".
"Hitler was ook vegetarir".
"Hitler vond ook dat er meer snelwegen moesten komen".
"Het is fout om naar muziek van Wagner te luisteren, want Hitler luisterde daar ook naar."
Onjuiste premisse: Alles wat iemand zegt dat in verband kan worden gebracht met een slecht persoon moet vanzelfsprekend verkeerd zijn.
Beroep op angst (ad metum, in terrorem, ad baculum)
Drogreden met beroep op angst, ook wel "drogreden met de stok" genoemd.
"Als jij je eten niet opeet, kan papa wel eens hl boos worden..."
Beroep op medelijden (ad misericordiam)
Dit is proberen iemand te overtuigen door een beroep te doen op zijn medelijden.br>
"Maar ik heb drie jaar aan dit rapport gewerkt, dus je moet me gelijk geven."
Beroep op wrok (ad odium)
"Als jij voor mij stemt in plaats van voor Jan, dan kun je hem er eindelijk voor terugpakken dat hij een deuk in jouw auto maakte."
Onjuiste premisse: 'je pakt Jan terug' is het logische gevolg van 'jij stemt voor mij'
Let wel: dit is een drogredenering omdat de premisse niet klopt. Maar het kan in werkelijkheid wel juist zijn.
Tijdsaanduidingen als argument
Reini: "Erik, ik wil niet dat Lucy (leerlingverpleegster) jou als arts tutoyeert."
Erik: "Maar dat hoort toch bij deze tijd." (voorbeeld uit Medisch Centrum West)
Het tijdstip of jaartal wordt zonder verdere toelichting gebruikt als argument om de bewering te verdedigen. Het naakte verspringen van een jaartal maakt een voorheen onjuiste bewering niet waar, tenzij dat jaartal zelf deel uitmaakt van de bewering, bijvoorbeeld: "De jaren tachtig zijn voorbij.""
Semantische drogredenen
Dit zijn drogredenen waarbij de conclusie bereikt wordt (of de toehoorder overtuigd wordt) door een onjuist gebruik van woorden.
Ontduiken van bewijslast
Voorkomen van tegenspraak door de tegenstander als incapabel af te schilderen.
"Ieder weldenkend mens zal het ermee eens zijn dat..."
De opzet is om tegenstanders ervan te weerhouden het standpunt tegen te spreken, doordat de opponent impliciet zou toegeven geen weldenkend mens te zijn.
Ad nauseam (misleidende herhaling)
Bij een misleidende herhaling wordt een niet-onderbouwd standpunt telkenmale herhaald, zodat (ten onrechte) de indruk kan ontstaan dat er overeenstemming over bestaat.
Ook wel: stokpaardje. Weerhoudt de opponent in de discussie ervan om nieuwe argumenten te kunnen aandragen, omdat steeds op hetzelfde gereageerd moet worden.
Retoriek
Proberen de stelling van de ander met welsprekendheid te weerleggen, bijvoorbeeld met een absurdisme.
"Als jij bent gestopt met roken, dan ben ik koningin Beatrix."
Anekdotische argumentatie
Een aantal voorbeelden geven als rechtvaardiging van een stelling.
"Er is meer criminaliteit dan vroeger, want Jan is overvallen en bij Piet is er ingebroken."
Puzzel-denkfout
Er van uitgaan dat een stelling juist is zolang men er maar een consistent en coherent verhaal bij heeft.
Ignoratio elenchi
De spreker negeert waar het in de discussie om draait, gebruikt een argument dat niets met het onderwerp te maken heeft.
"Wij zijn op zoek naar een zuinige auto." "Dan kan ik deze aanbevelen, want die komt uit Japan."
Andere drogredenen
Cirkelredenering (petitio principii)
Van een cirkelredenering is sprake wanneer de bewering wordt aangevoerd als argument voor zichzelf.
"Ik ben de baas omdat ik het hier voor het zeggen heb."
"Natuurlijk had ik er een reden voor, want anders had ik het niet gedaan."
"God bestaat, want het staat in de bijbel. Wat in de bijbel staat is waar, omdat het Gods woord is."
Beroep op gevolgen (ad consequentiam)
Een drogredenering met het oog op de consequenties. Men beargumenteert dat een stelling waar of juist onwaar is, omdat het tegendeel nadelige consequenties zou hebben.
"Er dreigt geen kernoorlog. Als dat wel zo was zou ik geen oog dicht doen."
"Deze Rembrandt is echt, want anders gaan we voor miljoenen het schip in."
Lambik in Suske en Wiske: "Ik een egost?! Dan zou ik het zelf toch weten." (Onjuiste premisse: alle karaktereigenschappen van een mens zijn aan hem bekend)
Hellend vlak-redenering
Argumentatie waarbij niet de zaak zelf als slecht wordt betiteld, maar de overtreffende variant die algemeen bekend staat als slecht als logisch gevolg wordt aangedragen. Daarmee wordt de zaak alsnog als slecht betiteld, zonder dat het logisch gevolg wordt bewezen.
"Alle alcoholisten zijn ooit met limonade begonnen."
"Als we homo's laten trouwen, laten we dieren later vast ook trouwen."
Bij het argument van het hellend vlak gaat het erom dat er onterecht wordt gesteld dat uit maatregel Q uiteindelijk een afschrikwekkend gevolg Z volgt. Echter, de kans dat uit maatregel Q via gevolg R, vervolgens S, daarna T, en uiteindelijk Z voortkomt wordt steeds kleiner en is in vele gevallen zelfs nihil te noemen.
Deze drogreden wordt ook regelmatig aangeduid met de termen Domino-argument en Slippery Slope. Overigens is omstreden of het wel werkelijk een drogreden betreft: voorstanders van een dergelijke redenering stellen dat het gaat om een waarschuwing voor een gelet op de verdere gevolgen ongewenst precedent.
Stropopredenering (drogreden van de stroman)
Een standpunt van de tegenstander (impliciet) verdraaien of er een zelfbedachte karikatuur van op te trekken, waardoor het gemakkelijker aan te vallen is, of op voorhand al in de ogen van velen bespottelijk lijkt.
"Ik ben tegen A." "Maar dan voldoe je toch niet aan B?"
Hier wordt het standpunt "ik ben tegen standpunt A" impliciet veranderd in "ik ben tegen B"
dit zou een stropopredenering zijn mits er geen contradictie zou ontstaan door voor zowel A als B te zijn.
Meervoudige vraag
Ergens ten onrechte van uitgaan wanneer men een vraag stelt.
"Sla je je vrouw nog steeds?"
Als de ondervraagde 'ja' zegt erkent hij dat hij zijn vrouw slaat en als hij 'nee' zegt erkent hij dat hij vroeger zijn vrouw heeft geslagen.
Verslaggever in 1985 in bijzijn advocaat mr. Max Moszkowicz, toen Holleeder voor de ontvoering van Heineken en zijn chauffeur Ab Doderer was opgepakt: "Heb je er spjt van?", waarop Moszkowicz ingreep en zei: "Deze vraag beantwoordt de clint niet, daarmee zou hij impliciet schuld erkennen."
Deze vraag is eveneens niet met 'ja' of 'nee' te beantwoorden, als de verdachte niet onschuldig is, omdat "ervan" niet in de conjunctivus te zetten is, zoals wel met een werkwoord kan om de niet-werkelijkheid te benadrukken.
Verschuiving van de bewijslast
Bij voorbaat al argumenten van de tegenstander verlangen.
"Ik vind dit een goed plan. Bent u het niet met mij eens? Kom dan eerst maar eens met argumenten!"
Redeneringen die op drogredeneringen lijken
Sommige soorten redeneringen worden soms aangezien voor drogredeneringen, terwijl het in feite correcte redeneringen (kunnen) zijn.
Reductio ad absurdum (bewijs uit het ongerijmde, contradictie)
Hiermee wordt bewezen dat een stelling niet waar is, door aan te tonen dat men een absurde conclusie kan trekken als het wel waar zou zijn. De stelling van de een wordt zodoende door de ander weerlegd met een absurdisme.
"Als de aarde plat is dan kan men er af vallen. Maar niemand kan van de aarde af vallen, dus de aarde is niet plat."
"Je moet de mening van C respecteren, want alle meningen zijn even waardevol en kunnen niet ontkend worden." "Maar de mening van D dan?" (D heeft een mening waarvan bekend is dat hij verkeerd is) "Ja, je kan D's mening wel ontkennen." "In dat geval is het niet waar dat elke mening even waardevol is en niet ontkend kan worden, dus C heeft geen gelijk."
|
Edited by - Arnold on 10 Aug 2008 14:51:29
|
|
Klacht indienen
|
|