Pim Fortuyn Forum
Pim Fortuyn Forum
Home | Profile | Register | Active Topics | WebSearch | Active Polls | Members | Private Messages | Search | FAQ
Username:
Password:
Save Password
Forgot your Password?

All Forums
Columns
Prof. B. Smalhout
MANAGER AAN BED
New Topic
Printer Friendly
Author Previous TopicTopicNext Topic

Bollie
Ere Forumlid

5718 Posts

Posted-17 Apr 2004: 10:03:33 Show Profile Visit Bollie's Homepage Send Bollie a Private Message Reply with Quote
MANAGER AAN BED


Deze week is in Den Haag een rapport gepresenteerd over de Nederlandse huisartspraktijk. Die studie heeft vijfjaar geduurd. Het eindrapport telt 1500 bladzijden. De kosten bedroegen 8 miljoen euro. De eindconclusie was dat de overheid tevreden kan zijn over de rol van de huisarts, die als een echte manager meer doet in minder tijd.
Zulk een conclusie vraagt natuurlijk om commentaar. Het rapport, dat vermoedelijk door zijn omvang door vrijwel niemand zal worden gelezen, is uitgevoerd door het Nederlands Instituut voor Onderzoek in de Gezondheidszorg, NIVEL, en het Centrum voor Preventie- en Zorgonderzoek van het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu.
Projectleider Franois Schellevis stelt dat de hedendaagse huisarts kortere werkweken ( 44 uur) maakt en toch meer patinten riet. Dat komt doordat, stelt het rapport, het beroep van arts verzakelijkt is. De moderne medicus delegeert steeds meer taken aan assistentes en „het rijden van tijdrovende visites’ is aanmerkelijk verminderd. „De arm om de schouder is er minder vaak bij’, zegt Schellevis.

Patinten
De brandende vraag is nu wat de patinten ervan vinden. Zouden die ook zo tevreden zijn? Eeuwenlang werd de geneeskunde hoofdzakelijk door huisartsen bedreven. Die deden eigenlijk alles, vanaf de verloskunde tot de zogenaamde kleine chirurgie toe. Vandaar dat nog 60 jaar geleden bij de deur van menige huisarts een emaillen bord hing met de woorden: Arts, voor genees-, heel- en verloskunde.
De rol van specialisten was toen nog gering. Door de snelle technologische en wetenschappelijke ontwikkeling van het medische vak verschoof het zwaartepunt naar de ziekenhuizen met hun vele specialisten, die op hun gebied in principe alles beter konden dan de gemiddelde huisarts. Deze verloor geleidelijk zijn vroegere autoriteit en prestige. Hij zakte soms zelfs af naar het niveau van een goedwillende maar softe sociaal-therapeut annex receptenschrijver. Hij werd ook vaak de verwijsinstantie.
Het vak kreeg een slechter imago, ook al door de lange werkdagen, de vele nachtdiensten en de lage honorering. Er ontstond ook geleielijk een scherpe scheidingslijn tussen de huisdokters. De oudere artsen zagen hun vak nog steeds als een roeping. Ze wijdden hun leven aan de lijdende medemens, geheel volgens de eed van Hippocrates, die ze plechtig hadden afgelegd toen ze langgeleden hun artsenbul in ontvangst namen. Ook hun gezinsleven stond geheel in het teken van het medische vak. De spil in de praktijk was meestal de dokstersvrouw. De jongere artsen, geboren lang na de Tweede Wereldoorlog, zagen dat veelal anders. Het medische vak was voor hen vaak niet langer een roeping, maar een intellectuele broodwinning. Geheel apart ervan stond het priv-leven. Zodoende kregen we artsen met kantooruren, de antwoordapparaten en de huisartsenposten. Kortom, de dokter werd een zakelijk manager. Precies wat het NIVEL-rapport concludeerde.

Armoede
Maar alleen een zinnetje als Het verminderen van het rijden van tijdrovende visites, is een ongehoord bewijs van armoede. De essentie van het begrip huisarts ligt namelijk in het woord huis. Hij is de enige dokter die de huiselijke omstandigheden van zijn patinten kent. Hij is ook de eerste die een relatie kan leggen tussen die omstandigheden en de ziekteverschijnselen. Vooral bij kleine kinderen, invaliden, ouderen, chronisch zieken en stervenden is alleen al het huisbezoek door de arts een therapeutische factor van grote betekenis. Als de arm om de schouder wordt opgeofferd aan het efficinte management, dan reduceert de dokter zichzelf tot een medisch technicus met een eigen werkplaats.

Tussen de tientallen brieven die ik ontving van artsen, doktersvrouwen en (volwassen) kinderen van artsen, zat kortgeleden ook een brief van een assistente met 26 jaar ervaring. Haar brief is een historisch document. Ze beschrijft hoe de vorige huisarts werkte en hoe het thans toegaat. De oude huisarts was 24 uur per dag en zeven dagen per week beschikbaar voor zijn patinten. Tweemaal per dag reed hij visite. Gemiddeld legde hij 15 — 20 visites per dag af. Hij kende al zijn patinten persoonlijk en die riepen zelden zijn hulp in voor iets onbenulligs. In 1992 ging die huisarts met pensioen. Hij werd opgevolgd door een jonge arts, kersvers van de universiteit. Die haalde rigoureus de bezem door het systeem.
De spreekuren werden afgeschaft en omgezet in afspraken die niet voor negen uur s ochtends mochten beginnen, want z vroeg was hij nog niet wakker. De middag wilde hij het liefst zo veel mogelijk vrij hebben. Na vieren mocht de assistente hem in principe helemaal niet meer storen, want dan was het tijd voor zijn kinderen. Visites reed hij meestal helemaal niet. Iedereen moest maar naar de praktijk komen. Zelfs patinten met een dreigend hartinfarct. Alleen als patinten stervend waren, ging hij nog wel eens kijken, maar vooral niet te vaak.

Zakelijk
Telefoongesprekken van de assistente met patinten moesten kort en zakelijk gehouden worden. Dus vooral niet vragen hoe het met ze ging. Daar werd de assistente niet voor betaald, zei de dokter. Na een praktijkfusie kregen de gezamenlijke assistentes zelfs een officile cursus in het telefonisch afpoeieren van patinten. Na 26 jaar had de ervaren praktijkassistente genoeg van alle bureaucratie waarin ze moest werken. Ook had ze het gevoel dat ze haar patinten had verloren. Intermenselijk contact werd door de manager-arts als zijnde niet-bedrijfsmatig en tijdverspilling verboden. Ze nam ontslag. Vooral ook nadat artsen haar zieke maar verder glasheldere vader van 91 jaar op afschuwelijke wijze hadden laten sterven door hem geen vocht of voedsel meer toe te dienen. Met 91 jaar had hij zijn leven wel gehad, vonden de in protocollen denkende huisartsen.
Er is geen enkele reden waarom een efficinte praktijkvoering niet gecombineerd zou kunnen worden met menselijk mededogen en medische bezieling. Maar zolang efficiency, bezuiniging, automatisering, koele calculaties en het verheerlijken van het priv-leven van de dokter belangrijker zijn dan persoonlijke betrokkenheid ten opzichte van de patint, gaat de geneeskunde na meer dan 6000 jaar failliet. Dan heeft u straks, als u onverhoopt in ellende raakt, slechts de keuze tussen een medisch manager met laptop of een dame in het blauw die Jomanda heet.

(17 april 2004)




"Do not consult the gods to discover the directing soul, but consult an anatomist", Galenus
Previous TopicTopicNext Topic
New Topic
Printer Friendly
Jump To:
Pim Fortuyn Forum 2002 - 2007 https://www.pim-fortuyn.nl Go To Top Of Page
Deze pagina werd u toegeworpen in 0.22 seconden Powered By: Snitz Forums 2000 Version 3.4.03